Yoga junkies halen shot in Zeeland

Nadat ik vorig jaar het roer om heb gegooid en moest herstellen van een burn-out, geef ik nu stap voor stap terug aan mijzelf. Ik wil weten of een oude liefde nog bestaat. Nu de oprichter van mijn favoriete yogavorm niet meer leeft, is zijn oudste zoon Manju Jois de aangewezen persoon om mij dat te vertellen en vooral te laten ervaren.

Dag 1: vertrouwde soberheid

Een beetje aan de late kant, arriveer ik bij het nogal saai ogende ontmoetingscentrum in Domburg dat de komende week zal dienen als thuisbasis voor de Ashtanga yoga teacher training. Typisch Ashtanga style om voor praktisch nut en soberheid te kiezen; geen kaarsjes, wierook, meditatiemuziekjes of andere ‘gezelligheid’ die de Ashtangi op de zenuwen zouden werken. Ik voel me meteen thuis.

Ik kon nog terecht op het laatste plekje achteraan en het dichts bij de deur, perfect dus. Daar maakte ik bescheiden contact met de vrouw die op de mat naast me zat en besloot verder in het begin zo veel mogelijk contact te vermijden om mijn energie te sparen. Gelukkig kwam de kleine Indiase man, die ik reeds aan de bar had zien zitten, al gauw binnen en de Ashtanga trein vertrok met de openingsmantra.

Het was heerlijk om me over te geven aan de houdingen, de serie die voor mij zo bekend is, maar die te zwaar was de afgelopen jaren. Het kon me niet schelen dat ik waarschijnlijk niet zo fit was als de rest. Ik zat in de practice en na het ontwaken uit de savasana besefte ik dat ik er was en meedeed. Wauw! Dit was puur genieten, geleid worden door iemand die zo dicht bij de oorsprong staat van Ashtanga yoga. Met alle zweet dat van mijn lichaam afdroop, dreven ook alle giftige overtuigingen en twijfels weg. Eindelijk uit mijn hoofd en terug in mijn hart.

In de pauze tank ik bij met gemberthee dat ik mee had genomen van de camping, en de meloen, koekjes en noten die voor ons klaar stonden op de tafel. Na de pauze leerden we adjustments*1 en deze oefenden we samen. Ik oefende met mijn buurvrouw die Anita bleek te heten en les gaf in Leuven.

Mantra

Na het oefenen van de adjustments, reciteerden we de lange rij mantra’s uit onze reader. Manju is gek op mantra’s. Hij ontdekte zijn liefde voor mantra’s toen hij nog in India woonde en daar een klooster binnen liep waar hij in een diepe, zware stem iemand hoorde chanten. Tot zijn grote verbazing bleek het geluid van een kleine, tengere monnik te komen. Manju kon niet inschatten hoe oud de man was en vroeg naar zijn leeftijd. In India is dat geen onbeleefde vraag dus zei de man onomwonden dat hij 85 jaar oud was. Verwonderd over de weinige rimpels voor die leeftijd vroeg Manju, hoe het kwam dat hij er niet uit zag als iemand van 85. De monnik ketste de vraag terug en vroeg Manju hoe iemand van 85 er dan uit moest zien.

Volgens Manju werken mantra’s net zo goed als je fysieke practice dus zou je ook kunnen chanten wanneer je je lichamelijk niet fit voelt. Fijn om te weten. Mijn zangdocente van 20 jaar gelden, zei al dat gekke bekken trekken de beste (en goedkoopste) Oil of Olaz was die je kon krijgen dus mij verbaast het niet dat het rimpeloze gelaat door het vele chanten komt. Manju vroeg de monnik of hij de mantra’s op schrift kon krijgen om ze te leren. Dat bestond echter niet, want deze mantra’s waren altijd mondeling doorgegeven. De enige mogelijkheid was dus om bij deze monnik in de leer te gaan. En zo geschiedde.

De mantra’s die we van Manju leerden, zijn online te beluisteren, zodat we kunnen blijven oefenen.

Manju’s missie

Na een paar pranayama’s was het tijd om vragen te stellen aan onze guru, die dat duidelijk een afschuwelijk woord vindt. Leraren zijn net zo goed leerlingen. Er zijn geen mensen die de wijsheid in pacht hebben. De antwoorden bevinden zich in jou. Meteen werd duidelijk dat deze man een missie had, namelijk de misverstanden over Ashtanga yoga die in het Westen zijn bedacht, de wereld uit helpen.

Zoals het idee dat Ashtanga yoga iedere dag moet, dat je alle houdingen moet uitvoeren, dat je de eerste serie volledig moet beheersen voordat je aan de tweede mag beginnen, dat Ashtanga yoga blessuregevoelig is of dat je geen muziek mag draaien tijdens de les. Zelfs drishti’s en bandha’s gooit hij overboord. ‘Drishti? Look wherever you want!’ En bandha’s zijn gewoon spieren die je aanspant om de houding uit te kunnen voeren. Het kan ook zonder, maar je merkt dat het makkelijker gaat met behulp van die spieren.

Al met al kwam ik na deze eerste dag terug bij de tent met nu al het gevoel een verloren liefde te hebben teruggevonden. Ashtanga yoga is thuiskomen voor mij. Het zijn alle externe factoren die niets met Ashtanga te maken hebben, die me hebben laten afdrijven. Ashtanga yoga is voelen, helen en genieten.

Dag 2: campingslippers, pretzels en fietstas

Na de ervaringen van de eerste dag ging ik de tweede dag met een stuk minder ballast naar de training. Ook fysiek ontdeed ik me van het een en ander. De professionele yogamattas was zwaar op mijn rug geweest tijdens de fietstocht heen en terug en daarom verruilde ik deze voor de ietwat tuttige bloemetjes fietstas die ik gelukkig van huis had meegenomen. Mijn matje paste prima onder de snelbinders van de vrolijke, mintgroene fiets met fuchsia kleurige velgen die ik huurde van de zaak vlakbij de camping. Op de terugweg van de eerste dag had ik mijn schouders verbrand dus zonnebrandcrème ging nu in de tas. Hoewel mijn afgesleten campingslippers nogal afstaken bij de fancy slippers en sandalen van mijn klasgenoten, verkoos ik ze in deze hitte toch boven sneakers en sokken.

Gisteren hoorde ik Manju lachen en een opmerking maken over kapsels toen ik in de knoop kwam te zitten met mijn paardenstaart tijdens de setu bandhasana. Normaal gesproken maak ik mijn haar los voor de laatste houdingen, maar daarvoor was het gewoonweg te warm geweest. Dus liet ik dit keer de houding maar voor wat het was. Om geen houding meer te hoeven missen vanwege mijn haar, ging ik dit keer op pad met mijn haar in twee vlechten.

In de kleedkamer maakte iemand een opmerking over mijn Ashtangi kapsel. Ze was duidelijk ook bij David Swenson geweest die destijds vertelde dat om de eerste serie volledig te kunnen uitvoeren met lang haar, de pretzels van prinses Leia uit Starwars de meest geschikte haardracht is.

We begonnen dag twee met een Mysore practice*2. Er waren mensen met een spiekbrief naast de mat. Dit stelde me gerust omdat ik kennelijk niet omringd was met allemaal volleerde Ashtangi’s.

Na de pauze deed Manju de adjustments voor uit de zittende serie. Ik mocht model zijn in een paar vooroverbuigingen. De adjustments waren fijn en ik kon me volledig ontspannen. Ashtanga yoga is therapeutisch en als je pijn voelt moet je de houding anders doen of overslaan.

De Ashtanga yoga practice omvat alle acht stappen van het pad van Patanjali*3. Meditatie is daar een van. Manju vergelijkt het met hardlopen. Wanneer je vaker hardloopt hoef je niet meer na te denken over hoe zwaar het is, je lichaam beweegt als vanzelf en je hoofd is vrij. Dat is meditatie. Ik noem dat flow, maar mijn leraar liet kort daarvoor al doorschemeren dat dit moderne woord hem niet kon bekoren. Manju leert ons om terug te gaan naar de eenvoud. Niet te veel nadenken en gewoon doen.

Kies vanuit je hart

‘Wanneer je jezelf iets oplegt, volgt een schuldgevoel als je het niet doet. Doe alleen yoga als je er zin in hebt.’ Manju legde uit dat yoga bedoeld is om het lichaam fit te houden. Het hoorde van oorsprong in India bij het ochtendritueel, net zoals tandenpoetsen. ‘If you don’t use it, you’ll loose it.’ Dit is precies wat mijn oudste leerling, Paulina, ook altijd als reden aanvoert om naar mijn lessen te komen.

De verhaaltjes die ik voorafgaand aan de fysieke practice vertel interesseren deze tachtigjarige, Britse dame niet. Ik geneer me als Paulina zegt dat ze heeft lopen opscheppen over me bij haar huisarts en fysiotherapeut. Ze zegt dan dat ik een van de weinige gekwalificeerde docenten ben, omdat ik het lichaam goed ken en de tijd neem om haar kritische vragen te antwoorden. Ze geeft zelfs toe dat ze me op die manier in het begin, inmiddels alweer zeven jaar geleden, heeft getest om uit te vinden of ik wel vakbekwaam was.

Manju is het roerend met deze manier van kiezen eens, blijkt uit zijn antwoord op een vraag van een medestudente. Je kiest een yogadocent vanuit je hart en niet omdat een docent zoveel uur RYT *4 achter zijn of haar naam heeft staan. Hij heeft het totaal niet op met de Yoga Alliance die heel veel geld vraagt voor een lidmaatschap dat niet te controleren valt. ‘En’, zegt hij, ‘500 uur stelt natuurlijk ook helemaal niets voor.’ Zien hoe het lichaam werkt is een talent. Helaas zullen er altijd slechte opleidingen zijn, gecertificeerd of niet. En de slechtste opleidingen bevinden zich volgens hem in India, waar ze een enorme business hebben gemaakt van yoga scholen voor Westerse yogajunkies. Ik krijg het idee dat deze mentaliteit mede de reden is, waarom Manju India heeft verlaten. Hij woont sinds 1975 met zijn gezin in de Verenigde Staten.

Manju legt uit dat zijn vader het Engels niet goed beheerste en dat mensen ervan uit gingen dat de adjustments die hij gaf voor iedereen hetzelfde waren. Ze deden veel aannames en dat resulteerde in blessures. Helaas werd de schuld dan vaak bij Ashtanga yoga gelegd en niet bij het feit dat er mensen over grenzen zijn gegaan. Ik voel me ondertussen bevoorrecht om les te krijgen van de enige persoon die de kennis van Ashtanga yoga in zijn eigen taal al van jongs af aan van huis uit heeft meegekregen.

Met de paplepel

Hij vertelde het verhaal hoe hij als zevenjarige jongen op de vroege ochtend wakker werd van een vreemd geluid ergens in huis. Hij stond op en zocht naar waar het geluid vandaan kwam. Hij vond zijn vader in een ongewone positie waarbij hij een been in zijn nek had en het andere voor hem uit stak terwijl hij zwaar ademde. Nieuwsgierig naar wat zijn vader bezig hield ging hij de volgende ochtend weer kijken. Hij vond hem in de keuken dit keer met beide benen in zijn nek, opnieuw met die zware adem. Toch enigszins ongerust over zijn vaders gezondheid ging hij naar zijn moeder. Zijn moeder stelde hem gerust en door te zeggen dat zijn vader inderdaad niet helemaal spoorde, maar dat zij er wel voor zorgde dat haar echtgenoot altijd weer met beide benen op de grond kwam staan.

Het fascineerde Manju dat zijn vader zich in allerlei bochten kon bewegen, omdat het hem deed denken aan het circus. Al gauw ging Manju nadoen wat zijn vader deed. Uiteraard begon hij met de meest acrobatische houdingen. Op een dag vroeg Pattabhi aan Manju of hij de paschimottanasana eens wilde voordoen. Manju was verontwaardigd over deze vraag, want hij was immers al bij de 3e serie*5. Hoe kon zijn vader nu vragen om zo’n simpele houding uit de eerste serie uit te voeren. ‘Doe toch maar’, zei zijn vader. Toen Manu voorover boog en tot zijn verbazing, zijn tenen niet kon raken, leerde hij zijn les. Het gaat niet om het bereiken en het beheersen van de grootste uitdagingen. Het gaat om balans vinden tussen alle houdingen en daarmee alle uitdagingen.

Overwinning
De echte overwinning
Is niet die op een ander
Maar die op jezelf  
Het gevecht gewonnen
Van je meest gelijke tegenstander  
De kracht, de moed, de durf
Om de strijd aan te gaan  
Om daarna te weten
Nu kun je echt alles
En iedereen aan.

Gabriëla Mommers

Dag 3: Beroemde tranen

We begonnen met een geleide les. Dit keer van assistent Jouri die ons de telling in het Sanskriet leerde. Wij zeiden na: ekam, dve, trini, catvari, panca, … en voerden de bijbehorende houdingen uit.

Bij janusirsasana aangekomen ontstonden plotseling bij mij de tranen. Alles kwam los. Ik had als een berg opgezien tegen deze training, moest drempels van vermoeidheid over en vocht tegen angsten. De tranen vloeiden en ik liet ze gaan. De eerste die vroeg of ze me kon helpen liet ik gaan, de tweede kon ik niet weigeren. Wellicht was het wel beter om even te stoppen en mijn verhaal te doen. Ik vertelde van alles over wat er speelde, maar woorden konden niet uitdrukken wat er door mij heen ging en hielpen ook niet. Manju kwam even kijken bij ons in de kantine en vroeg of de reden van mijn tranen mentaal of fysiek was. Ik liet weten dat het mentaal was. Hij zei alleen, laat het maar gaan.

Later die middag zat Manju weer op de praatstoel. Ik genoot van zijn verhalen. Hier kwam ik voor; luisteren naar de ervaringen van de meester. Hij vertelde dat de beroemde filmster, Gwyneth Paltrow, die regelmatig zijn les bezocht, op een dag moest huilen tijdens baddha konasana. Hij vroeg haar waarom ze moest huilen en ze antwoordde dat haar vader die kort daarvoor overleden was, altijd zo had gezeten terwijl hij de krant las. Iedere les kwamen de tranen opnieuw in deze houding en Manju liet haar erin zwelgen. Op een dag stopte het gesnotter waar Manju inmiddels aan gewend was geraakt. Hij checkte bij haar of alles goed was en ze zei, ja het is klaar.

Een andere beroemdheid die zijn les bezocht was Madonna. Manju wist niet wie ze was, maar wel dat deze vrouw iedere keer tien minuten te laat was en daarmee de les nogal verstoorde, vooral omdat dit gepaard ging met allemaal mensen die opstonden en spullen voor haar klaar zetten. Op een dag ging hij naar haar toe om er iets van te zeggen. Ze mocht wel blijven komen als ze de volgende keer op tijd zou zijn, anders liever niet. Manju’s assistent gebaarde ondertussen wild naar Manju om hem iets duidelijk te maken. Zijn assistent vroeg hem of hij wel wist tegen wie hij sprak. Dat was Madonna, de beroemde zangeres. ‘Ja’, zei Manju, ‘dat zal wel zo zijn, maar ik ben Manju Jois’.

Madonna, die zeer erkentelijk was dat iemand haar een keer als normaal persoon behandelde, kwam vervolgens op tijd en bleef Manju’s lessen trouw volgen.

Madonna toonde haar liefde voor Ashtanga yoga door de openingsmantra te verwerken in een nummer op het album Ray of Light.

Dag 4: de heetste dag

In de vroege ochtend werd ik wakker met een bloedneus. Het was al de vierde binnen twee dagen. Ik lichtte voordat we begonnen een van de docenten in, zodat ze wisten wat er aan de hand zou zijn als ik plotseling uit de les zou lopen. Gelukkig gebeurde er niets en kon ik mijn practice zonder problemen helemaal uitvoeren. We leerden houdingen uit de tweede serie en na de pauze leerden we hier ook de adjustments bij. Manju stimuleerde ons om telkens iemand anders te kiezen om mee te oefenen om op die manier met verschillende lichamen te leren werken.

Zodoende leerden we elkaar ook langzaamaan kennen. Zoals ik wel vaker heb gemerkt in Ashtanga trainingen, waren er meer die net zo gevoelig en ‘anders’ zijn. Ik voelde me verbonden en tegelijk vrij. Na de gebruikelijk mantra’s, vertelde Manju dat hij graag naar de katholieke kerk ging om daar in alle rust tot bezinning te komen. De vierenzeventigjarige maakte daar een selfie voor zijn Italiaanse vrouw die trots was om hem te zien in het huis van haar geloof. Manju gelooft niet in God, Hindoe goden en ook niet in religies. Yoga is geen religie. Het is een levensstijl die ervoor zorgt dat je beter in je vel zit. Meer is het niet. Manju pakte zijn Italiaanse zonnebril, stopte die bij zijn T-shirt in en zei: ‘zo nu heb ik honger’. Op deze heetste dag stopten we lekker op tijd. Annemieke, onze steun en toeverlaat en organisator van de training, stelde voor om de volgende dag met diegenen die interesse hadden, te gaan lunchen bij Manju’s favoriete restaurant in Domburg, de Chinees.

Dag 5: Doggie bag

Kennelijk was het inmiddels minder populair om vooraan te zitten, want alle plekken achter in de zaal waren al bezet toen ik de zaal binnen kwam. Er was alleen nog plaats in het midden vooraan, waar straks Manju en zijn assistenten zouden plaatsnemen. Gelukkig kwam Anita weer op de vertrouwde plek links van me zitten. Aangezien ik had besloten mee te gaan lunchen, deed ik bij het oefenen van de adjustments alleen de nieuwe mee en spaarde ik mijn energie door tijdens de herhalingen op mijn mat te gaan liggen en me af te sluiten door mijn ogen te bedekken.

Het was mijn buurvrouw aan tafel bij de lunch niet ontgaan. Ik vertelde haar dat ik wel graag mee wil doen met de groep, maar dat ik daarbij vaak gehinderd wordt door overprikkeling en dus heel zorgvuldig met de energie omspring. Ik kon de lunch volhouden en gesprekken voeren, maar voelde toch net als de dagen ervoor hoofdpijn opkomen. Tot dan toe had ik iedere dag een of twee pillen tegen de migraine geslikt. Hoewel ik blijf zoeken naar een mogelijkheid om te leven zonder medicatie, ben ik blij dat ik dankzij deze medicijnen nog wel buiten de deur kan komen en mijzelf kan blijven ontplooien.

Hoewel Chinees lunchen nou niet echt mijn eerste keuze zou zijn, smaakte het prima. Mijn buurvrouw, Rosanne, stelde voor om het overgebleven eten mee te nemen in een doggie bag. Goed plan! Ik nam een bakje mee voor Mischa die lekker in de tent aan het cocoonen was met onze hond Timo. Het Chinese kliekje viel goed in de smaak, bij beiden ;). Terwijl in de rest van het land de hittegolf nog volop floreerde, vielen er in Zeeland flinke regenbuien die tot mijn opluchting de temperatuur van achtendertig graden halveerde naar negentien graden. Na de hitte was de regen een verademing, zelfs wanneer je met een kleine tent op een camping staat.

Dag 6: certificaat

Hoewel ik me sterk en fit voelde door de dagelijkse practice, merkte ik ook aan mijn lichaam dat het vandaag niet tot het uiterste wilde gaan tijdens de houdingen. Ondanks dat de practice zwaar voelde, was mijn hoofd aanzienlijk vrijer. Wat zou het fijn zijn om deze practice vol te houden als ik thuis kom. Het besef alleen al maakt me blij. Ik zal het proberen in te passen in mijn rooster, maar ook rekening houden met mijn lichaam. Want ook voor Ashtanga yoga geldt: ‘Als er pijn is, betekent dat dat het lichaam je iets wil vertellen.’

Na het chanten van de mantra’s kregen we ons certificaat. Dit was Manju’s leermoment op het gebied van taal. Daar waar wij ons best hadden gedaan op de mantra’s in het Sanskriet, was het nu Manju’s beurt om onze Nederlandse namen uit te spreken.

Het voelde vreemd om afscheid te nemen van de mensen die ik net een beetje leerde kennen. Maar het was goed zo. Volgend jaar wil Manju weer komen voor de tweede serie. Manju heeft me vertrouwen gegeven om gewoon te beginnen, ook al beheers ik de eerste serie niet zo goed als ik zou willen. Ik heb wel zin in de nieuwe serie en daar gaat het uiteindelijk om. Ashtanga yoga doe je, omdat je het leuk vindt, omdat je zoals Manju het noemt een yogajunkie bent geworden die met haar matje onder de arm haar dagelijkse shot wil halen. Een gezonde verslaving, meer is het niet.

  • *1 Het is in Ashtanga yoga gebruikelijk dat de docent in de les langs loopt om leerlingen te helpen ontspannen in de houding.
  • *2 In deze les voer je de houdingen van de serie uit in je eigen tempo. Door intens met je eigen beoefening bezig te zijn, binnen de groep, onder toeziend oog van de docent de je hier en daar en eventueel op verzoek een adjustment geeft, kun je de therapeutische, helende werking van Ashtanga yoga nog beter ervaren.
  • *3 Ashta = acht en Anga zijn ledematen / takken. Het achtvoudige pad wordt beschreven in het bekende yoga filosofieboek De Yogasutra’s van Patanjali.
  • *4 RYT staat voor registered yoga teacher. Afhankelijk of je een opleiding van 200 of 500 uur hebt gevolgd die geregistreerd staat bij de Yoga Aliance deelt deze organisatie de lidmaatschap uit om de titel 200 hr. RYT of 500 hr. RYT achter je naam te dragen.
  • *5 Er bestaan drie series in Ashtanga yoga. De derde serie is opgedeeld in vier delen, waardoor vaak gedacht wordt dat er zes series bestaan.

Je kunt ook té voorzichtig zijn.

Twee jaar geleden kon ik nog geen 100 meter zonder pijn lopen vanwege een gescheurde meniscus. Mede dankzij goed advies van mijn collega en fysiotherapeute Julia die mij ervan overtuigde dat ik ook zonder operatie kon herstellen, kan ik nu zelfs weer hardlopen. Als eerste moest ik van Julia de steunzolen gaan dragen die ik al jaren in de kast had liggen. Ze leerde me tape te gebruiken om mijn knie stevigheid te geven.

In overleg met de sportfysiotherapeute van het UMCG ontdekte ik welke yogahoudingen goed zijn voor mijn herstel. Dat bleken de houdingen te zijn die ik juist aan het vermijden was, omdat ik daarbij mijn knie voelde. Belangrijk leermoment voor mij als yogadocent.
Je kunt ook té voorzichtig zijn.

Toen ik weer normaal kon wandelen en geen pijn meer voelde, heb ik op een goeie dag mijn hardloopschoenen gepakt om weer eens te proberen een stukje hard te lopen. Tranen van blijdschap stroomden over mijn wangen terwijl ik mijn passen versnelde. Het geloof dat ik het hardlopen weer op zou kunnen pakken groeide.

Met nieuwe hardloopschoenen en up-tot-date steunzolen, ben ik eind december 2018 weer rustig aan begonnen. Samen met vriendin Sasja en mijn hond Timo hebben we de afgelopen maanden wekelijks getraind aan de hand van een beginners schema. Inmiddels kunnen we ons trakteren op een leuke run. De 7 km van The Green Trail lijkt me een prima start!

Ik waan me graag in Wonderland.

In dit land is het leven licht. Je blijft je hier verwonderen over grenzeloze schoonheid, liefde, natuur en kleuren. Dieren en mensen zijn gelijk. Alles is anders.  Wat recht is, blijkt krom en vice versa. 

Deze kapper op Madeira deelt mijn muze.

De weg die je bewandelt is niet de weg. Soms is de weg een plafond, soms is het behang met de meest fantastische patronen dat uitrolt voor je voeten.

Dit is de wereld waarin ik me waan als de werkelijkheid me verveelt. Dan ben ik er even niet. Ik verlies me in een schilderij of dwaal af bij een woord.

Nederland is ook best fijn, als de bouwvakkers vertrokken zijn.

De yoga-schrijfweek op Madeira heeft me sterker gemaakt, in mijn kracht gezet. Ik kan schrijven én tekenen en ik kan niet wachten om te beginnen. Wat nu nog ontbreekt is een plek.

Het is voor mij op dit moment ontzettend lastig om een rustige plek te vinden waar ik prettig kan werken. Een stille en behaaglijke plek, waar je niet gestoord wordt. In onze villa op Madeira waren zulke plekken volop aanwezig. Het was heerlijk om in mijn eigen kamertje ’s ochtends in bed, genesteld in een stapel kussens, mijn schrift op te pakken en lekker te gaan schrijven.

Na een heerlijke yogales van Eva en het ontbijt schreven we samen onder de bezielende leiding van Marian in stilte, aan een grote tafel in behaaglijke schaduw voor míj, of in de zon voor de liefhebbers. ’s Avonds in bed schreef ik vaak weer. En hoewel ik veel minder sliep dan thuis had ik overdag tien keer meer energie. Het zou toch fijn zijn als ik dat in Nederland kan voortzetten. En zo niet, dan is emigreren een serieuze optie. Het leven is te kort om met minder genoegen te nemen.

Ik weet het, ik hoor het je zeggen; je vindt overal wel weer een excuus om niet te doen waar je blij van wordt. Maar luister; de ellende van de renovatie thuis valt écht niet mee. Het lawaai van machines gaat dwars door de muren heen. Het is alsof je bureau in een bouwkeet staat. Alsof het daglicht al niet genoeg werd weggenomen door de steigers, werden onze ramen ook nog eens voor de helft afgedekt met houten schotten. Het daglicht was zo beperkt dat we overdag niet eens de moeite meer namen om de gordijnen te openen.

Mijn hond Timo moest het bijna met de dood bekopen, eer er iets gedaan werd aan de onveilige situatie. Gelukkig sprong het beestje net op tijd uit zijn mandje, voordat het glas naar beneden viel. De hele woonkamer lag bezaaid met flinterdun, Middeleeuws glas. Nadat alles toch netjes door de mannen was opgeruimd, voelden we ons niet meer veilig en sindsdien vluchten we elke dag.

Het glas wordt niet direct vervangen, want ’ja’, zegt de schilder, ‘ik kan het nu wel gaan vervangen, maar de kans is aanwezig dat het dan direct weer stuk gaat’. Dus hangt er bubbeltjesplastic voor het gat dat niet helemaal goed aansluit, waardoor het stervenskoud is in huis.

De enige andere ruimte in mijn huis is de slaapkamer. Daar kun je overdag ook niet zijn. Het getimmer op het dak is bij mij al klaar gelukkig, maar vanuit het dakraam hoor en zie je de dakdekkers die op hun beurt bij ons naar binnen kijken. De houten dakramen werden ad hoc vervangen door nieuwe van kunststof. Dat ging zo; ik kreeg een stuk plastic in mijn handen met het verzoek die op mijn bed te leggen, want ze gingen nú het dakraam vervangen. Ze waren een beetje laat met het beschermmiddel helaas, want mijn bed was inmiddels al bezaaid met gruis.

Ondertussen was de ventilatiepijp in de douche naar beneden gekomen, heel normaal volgens de opzichter, daar kwam nog iemand voor. Ja, inderdaad. Vlak voordat ik de deur uit zou gaan voor een afspraak. Dus het kon, niet stelde ik. De man stelde brutaal voor dat ik wel even een sleutel kon geven aan een buurvrouw. Mooi niet dus. ‘Maak maar een afspraak. Voor maandag, want daarna vertrek ik.’ Dan ga ik lekker een weekje weg naar Madeira.

Het verbaasde me niet eens dat er niemand kwam op het afgesproken tijdstip. In overleg met een van de bouwvakkers van een ander bedrijf heb ik alsnog de deur opengelaten. Ze waren gelukkig net klaar toen ik thuiskwam van de wandeling met Timo.

Dinsdagochtend vertrok ik lekker naar Madeira voor wat achteraf de meest inspirerende week van mijn leven was . Bij thuiskomst wilde ik natuurlijk dolgraag verder met de inspiratie die ik heb opgedaan.

Het viel me tegen hoeveel ze waren opgeschoten. De steiger stond nog steeds half voor mijn ramen, maar de schotten waren gelukkig verwijderd. Ze zijn nu buitenom bij andere huizen bezig. Onze binnenplaats is helaas nog één groot bouwterrein, dus we kunnen het voorlopig wel vergeten om onze houten tuintafel met banken onder het plastic vandaan te halen. Jammer, de gezamenlijke plaats maakt wonen in een hofje uniek. We komen hier bij elkaar als we zin hebben om te eten, te drinken en te praten, je laat elkaar met rust als er iemand zit te lezen of schrijven of je trekt je terug in je eigen ruimte. Er zijn geen scheve gezichten en er worden geen conclusies getrokken. Vergelijkbaar met onze villa op Madeira. Het is een heerlijk gevoel van vrijheid.

Drie maanden nog, dan is de bouwellende voorbij. Tot die tijd zwerven Timo en ik rond met mijn laptop en schriftjes.